blaassteen

Blaassteen: hoe ontstaat het, welke symptomen geeft het en wat moet je doen?

Een blaassteen is een steentje dat zich in de blaas vormt (of daar terechtkomt) en daar irritatie en plasklachten kan veroorzaken. Soms merk je bijna niets, maar vaak geeft een blaassteen duidelijke signalen zoals pijn bij het plassen, vaker moeten plassen, bloed in de urine of een straal die plots onderbroken wordt.

Kawaii infographic over de oorzaken van blaasstenen. Het toont hoe een vergrote prostaat zorgt voor resturine en hoe een niersteen vast kan komen te zitten in de blaas door een nauwe plasbuis.
De oorsprong van een blaassteen: Waarom de urine niet weg kan đź’§

Een blaassteen verschijnt zelden zomaar. Meestal is er een onderliggende reden waarom de blaas niet volledig kan leeglopen. In deze infographic laten we de twee belangrijkste oorzaken zien:

Goedaardige Prostaatvergroting (BPH): De prostaat drukt op de plasbuis, waardoor er telkens een beetje urine achterblijft (resturine). In deze stilstaande urine klonteren mineralen samen tot een steen.

De afzakkende niersteen: Soms plonst een klein steentje vanuit de nier in de blaas. Bij een gezonde doorgang plas je deze zo uit, maar door een vergrote prostaat raakt de steen gevangen. De steen blijft liggen, groeit aan en wordt een hinderlijke blaassteen.

Het begrijpen van de oorzaak is de eerste stap naar een definitieve oplossing, zodat de blaas in de toekomst weer volledig en zonder pijn kan ledigen.

© Dr. Jan Vanderkerken | Meer informatie op prostaat.be

Belangrijk: een blaassteen is vaak geen “op zichzelf staande” aandoening, maar eerder een teken dat er iets misloopt met het leegplassen van de blaas. In de praktijk zien we blaasstenen vaak bij goedaardige prostaatvergroting (BPH), of na het afzakken van een niersteen richting blaas. Daarom is de kernvraag niet alleen: “Hoe halen we de steen weg?”, maar vooral ook: “Waarom is die blaassteen ontstaan?”


Wat is een blaassteen?

De blaas verzamelt urine die uit de nieren komt. Normaal wordt die urine volledig uitgeplast. Als de blaas niet goed leeg geraakt, blijft er urine achter (resturine). In die achterblijvende urine kunnen mineralen samenklitten tot kristallen en uiteindelijk tot een blaassteen.

Een blaassteen kan klein zijn (zandkorrel) of groter worden tot meerdere centimeters. Hoe langer de steen blijft, hoe groter de kans op ontstekingen, bloedverlies, irritatie van de blaaswand en toenemende plasklachten.

Wil je eerst begrijpen hoe plassen normaal hoort te verlopen? Lees dan: hoe plassen we eigenlijk normaal. Dat maakt meteen duidelijk waarom achterblijvende urine (residu) zo’n belangrijke rol speelt.


Hoe krijg je een blaassteen?

De meest voorkomende oorzaak is: urine blijft achter in de blaas. Dat kan verschillende redenen hebben.

1) Blaassteen door BPH (prostaatvergroting)

Bij mannen is BPH één van de belangrijkste oorzaken. De prostaat ligt rond de plasbuis. Wanneer die prostaat vergroot, kan ze de plasbuis deels dichtdrukken. Gevolg: je plast moeilijker uit, de straal wordt zwakker en er blijft resturine achter. In die resturine kunnen blaasstenen ontstaan.

Herkenbare klachten bij BPH vind je hier: prostaatklachten door vergroting. En als je wil weten welke andere oorzaken plasproblemen kunnen geven: oorzaken van plasproblemen.

2) Blaassteen als gevolg van nierstenen

Soms zakt een steentje uit de nier via de urineleider af naar de blaas. In veel gevallen wordt dat steentje gewoon uitgeplast. Maar als het steentje in de blaas blijft “hangen” (bijvoorbeeld door resturine of problemen aan de blaasuitgang), kan het steentje aangroeien tot een echte blaassteen.

Meer uitleg over nierstenen en hun verloop vind je op je andere site: nierstenen.be.

3) Andere oorzaken (minder frequent)

  • Blaasdivertikel (uitstulping van de blaaswand waar urine in blijft staan)
  • Neurogene blaas (bv. neurologische aandoeningen) met onvolledig leegplassen
  • Kathetergebruik of vreemd materiaal in de blaas (kan als “kern” dienen voor steenvorming)
  • Terugkerende blaasontstekingen (sommige bacteriĂ«n kunnen steenvorming bevorderen)
  • Uitdroging en sterk geconcentreerde urine

Belangrijke boodschap: een blaassteen is vaak een symptoom van een onderliggend probleem zoals BPH of steenlijden vanuit de nier. Daarom moet je na de behandeling altijd ook de vraag beantwoorden: waarom kon die blaassteen ontstaan? Als je de oorzaak niet aanpakt, is de kans op herval reëel.


Welke symptomen geeft een blaassteen?

De klachten kunnen variëren van mild tot erg hinderlijk. Typische symptomen van een blaassteen zijn:

  • Pijn of branderig gevoel bij het plassen
  • Vaker plassen (ook ’s nachts)
  • Aandrang: plots dringend moeten plassen
  • Onderbroken urinestraal (“stop-start”), soms abrupt stoppen
  • Moeite om te beginnen met plassen
  • Gevoel dat de blaas niet leeg is
  • Bloed in de urine (rood/bruin of enkel op test)
  • Pijn in de onderbuik, soms uitstralend naar penis/perineum
  • Herhaalde blaasontstekingen

Soms ligt een steentje “los” in de blaas en kan het bij bewegen of bij plassen de uitgang irriteren. Dat verklaart waarom klachten soms wisselend zijn: de ene dag nauwelijks last, de andere dag veel.

Wanneer is het dringend?

Neem sneller contact op als je:

  • niet meer kan plassen (acute urineretentie)
  • koorts hebt met rillingen en pijn (mogelijke infectie)
  • zichtbaar bloed blijft verliezen of stolsels plast
  • hevige pijn hebt die niet betert

Meer uitleg over plots niet meer kunnen plassen vind je hier: urineretentie.


Hoe vindt de uroloog een blaassteen?

De diagnose is meestal goed te stellen met een combinatie van gesprek, onderzoek en beeldvorming.

1) Gesprek en anamnese

De uroloog vraagt naar plasklachten (zwakke straal, nachtelijk plassen, moeilijk starten), eerdere nierstenen of blaasstenen, infecties, medicatie, kathetergebruik of neurologische voorgeschiedenis.

2) Urineonderzoek

Een urinestaal kan bloed, ontstekingscellen of bacteriën aantonen. Soms zie je ook kristallen. Bij vermoeden van infectie volgt vaak een kweek.

3) Echografie + residumeting

Een echo van blaas en nieren is vaak een eerste stap. Hiermee zie je meestal de steen, en ook of er resturine achterblijft na het plassen. Dat is belangrijk, want resturine wijst vaak op een onderliggende obstructie.

Op prostaat.be vind je het overzicht van onderzoeken bij BPH hier: diagnose van prostaatvergroting.

4) Uroflow (plasmeting)

Als er twijfel is over de doorstroming, kan een uroflowmetrie helpen: je plast in een meettoestel dat het debiet en het plaspatroon registreert.

5) Cystoscopie (kijkonderzoek)

Bij een cystoscopie kijkt de uroloog met een dun camera-instrument in de plasbuis en blaas. Dit is nuttig om de steen direct te zien, de blaaswand te beoordelen en te kijken of er obstructie is aan de blaasuitgang.

Soms is er een “middenkwab” van de prostaat die extra obstructie geeft. Dat lees je hier: middenkwab en obstructie.


Wat dient er te gebeuren bij een blaassteen?

De behandeling hangt af van grootte en hardheid van de steen, je klachten, eventuele infectie én de onderliggende oorzaak (bv. BPH).

1) Kleine blaassteen: soms spontaan

Hele kleine steentjes kunnen soms uitgeplast worden, zeker als er geen obstructie is. Maar zodra er duidelijke klachten of infecties zijn, of als de steen blijft, is behandeling aangewezen.

2) Meest voorkomende behandeling: vergruizen en verwijderen via de plasbuis

De standaardbehandeling is endoscopisch: de steen wordt via de plasbuis bereikt en vergruisd (vaak met laser) en daarna verwijderd. Dit is doorgaans doeltreffend, met relatief snel herstel.

3) Soms: verwijdering via een kleine snede

Bij uitzonderlijk grote stenen of specifieke omstandigheden kan een benadering via een kleine snede boven het schaambeen overwogen worden. Dat is minder frequent.

4) Behandel altijd de oorzaak (anders recidief)

Dit is het cruciale punt. Als de blaassteen ontstaan is door BPH, dan is het vaak nodig om ook de obstructie aan te pakken. Dat kan met:

  • medicatie (zeker in het begin): zie medicatie bij prostaatvergroting
  • of een prostaatbehandeling wanneer de obstructie duidelijk is of wanneer er complicaties zijn (blaasstenen, herhaalde infecties, veel resturine)

Voor het overzicht van behandelingen kan je linken naar: behandeling bij prostaatvergroting. Als een ingreep nodig is, vind je uitleg hier: operatie bij prostaatvergroting, met als klassieke ingreep de TURP.

Als de blaassteen (mee) komt door nierstenen, dan is het belangrijk om te kijken of er nog stenen in nier of urineleider zitten, en om preventie te bespreken. Daarvoor kan je verder lezen op nierstenen.be.


Hoe kan je blaasstenen voorkomen?

Preventie is vooral: de oorzaak wegnemen en de urine “gunstig” houden.

  • Behandel plasklachten en laat resturine evalueren (zeker bij mannen met BPH)
  • Drink voldoende zodat urine minder geconcentreerd is (richtwaarde: urine lichtgeel)
  • Pak terugkerende infecties aan en laat urine kweek doen bij klachten
  • Bij eerder steenlijden: bespreek of een evaluatie van steentype/risico zinvol is

Samengevat

Een blaassteen ontstaat vaak doordat urine niet goed uit de blaas kan, met resturine als gevolg. Bij mannen is goedaardige prostaatvergroting (BPH) een frequente oorzaak. Een blaassteen kan ook ontstaan wanneer een niersteen afzakt naar de blaas en daar blijft liggen (meer info: nierstenen.be).

De uroloog stelt de diagnose met urineonderzoek en beeldvorming (vaak echo, soms CT) en eventueel een kijkonderzoek. De behandeling bestaat meestal uit het vergruizen en verwijderen van de steen. Maar minstens even belangrijk is: altijd uitzoeken waarom de blaassteen is ontstaan, zodat je herval voorkomt.


FAQ

Is een blaassteen gevaarlijk?

Meestal niet levensbedreigend, maar zonder behandeling kan een blaassteen leiden tot pijn, bloed in de urine, infecties of (zeldzamer) plasonmogelijkheid.

Kan een blaassteen vanzelf weggaan?

Heel kleine steentjes soms wel. Maar als de steen blijft of klachten geeft, is behandeling doorgaans nodig.

Is een blaassteen hetzelfde als een niersteen?

Nee. Een niersteen ontstaat in de nier. Een blaassteen ontstaat in de blaas of komt daar terecht. Een niersteen kan wel afzakken en later als blaassteen problemen geven.


Gerelateerde pagina’s